Voor de gemeenschap in de dorpen en onze boeren in Malawi is elektriciteit en een maismolen DE MANIER om onafhankelijker en geleidelijk aan (meer) zelfbedruipend te worden. Het zou ook betekenen dat het drogen van mango’s en moringa meer gecommercialiseerd zou kunnen verlopen. Hun visie op duurzaamheid is te voorzien in energie: elektriciteit kan hen toelaten verdere zelfstandigheid te ontwikkelen. Dit getuigt intussen van hun kracht om vragen te stellen, antwoorden te zoeken en actie te ondernemen. Zo neemt men zelf verantwoordelijkheid op en ontwikkelt de plaatselijke gemeenschap een duurzame langetermijnvisie.

 

Samen met de mensen uit de dorpen hebben we hierover al een jaren lange weg afgelegd.

 

We hebben alle opties overlopen en gewikt en gewogen: we dachten aan een watermolen, windmolen, ossenkracht tot zelfs aan een generator op diesel. (Benieuwd wat ze bij de klimaattop over laatste zouden te zeggen hebben J).

De stroom in Malawi in de omgeving van onze dorpen komt van het water via de stuwdam in Zomba. Dus we zouden wel in 'groene stroom' kunnen voorzien. Het nadeel is dat er nog veel 'black'-outs zouden zijn.

De keuzes van de overheid, ondernemingen, van Malawian Escom (electricity supply coörpooration of Malawi ) zorgen ervoor dat we nog niet tot een aankoop van een elektrische installatie (maïsmolen of een ander alternatief) zijn kunnen overgaan: We hebben weinig invloed op wat er op dat niveau gebeurt. Dit jaar vlak voor de verkiezingen klopten we aan bij de DO District Officer in Zomba, met de vraag om goeie prijs voor een elektrische installatie te kunnen verkrijgen. Ze vertelden ons dat we een dossier moesten indienen, wat we deden, maar tot dusver kregen we nog geen antwoord op onze aanvraag.

We gingen in de tussentijd dan maar zelf op zoek naar een goedkoper alternatief: we kochten daarom voor het schooltje en de boerencompound een batterij, wisselrichters en zonnepaneel aan. Maar…dit bleek toch geen onverdeeld succes te zijn: we weten immers niet op voorhand hoe lang een systeem het uithoudt, de technische kennis ontbreekt en het is ook niet duidelijk wie de zorg en het onderhoud op zich kan nemen. Enkele maanden na de installatie waren eerst beide wisselrichters stuk, daarna zijn ook beide batterijen spontaan een vroege dood gestorven. Het heeft mogelijks iets te maken met het feit dat ze in Malawi niet beschikken over Europese kwaliteitsproducten, maar over goedkope(re) Chinese export. Daarbij komt dat men niet weet hoe om te gaan met stroom van batterijen en elektrisch materiaal (daar er in de dorpen nog geen elektriciteit aanwezig is), dus het systeem wordt soms onnodig zwaar belast, wat het uithoudingsvermogen ook niet ten goede komt.

Het land, en al zeker de plattelandsregio, lijkt dus nog niet klaar voor fancy apparatuur waarvan er ginder trouwens geen kwaliteitsproducten te vinden zijn en de kennis en onderhoud ervan te minimaal is.

Toch willen we verder zoeken naar goeie alternatieven en overgaan tot de aanschaf van een maïsmolen, om zo de verdere duurzame ontwikkeling en de zelfbedruipendheid in de dorpen te kunnen stimuleren. Het is echter peperduur als we een installatie willen aankopen die wél voldoet aan de kwaliteitsnormen. De offertes die we opvroegen variëren van 15000 euro tot rond 25000 euro).

We hopen dan ook via de Provincie Oost-Vlaanderen wat extra subsidies te verkrijgen om dit (deels) te kunnen bekostigen én om de mensen ter plaatse een goeie opleiding te kunnen verschaffen, zodat ze weten hoe ze met het materiaal moeten omgaan en hoe ze de installatie moeten onderhouden. Dit is nodig om de levensduur van de apparatuur te optimaliseren.

We houden jullie op de hoogte van het vervolg....

 

Karine

Bijgewerkt: nov 20

Na de deelname aan het permacultuurfestival in de maand juli van dit jaar, zijn er bij Chabwino heel wat projectuitbreidingen mogelijk. Een daarvan is het ontwikkelen van een zonnedroger.

Foto 1

(Foto: in Malawi hebben ze tot hiertoe de mango’s gedroogd op rieten matjes)

 

Het mango-team uitte 2 problemen. Ten eerste hebben ze een plaatsgebrek in het hoogseizoen.

Het tweede probleem hangt vast aan het weer: wanneer er in Malawi wat bewolking optreedt, drogen de mango’s trager en verkleuren ze. Ze worden zwart waardoor ze moeilijker te verkopen zijn. Daar wensen wij iets aan te doen. Verder zien jullie hoe de zonnedroger daar een oplossing voor biedt.

We gingen op zoek naar meer en betere info rond de zonnedroger: we zijn op zoek gegaan naar iemand die er een prototype van zou willen maken.

 

 

Op de vergadering van de Lokale Mondiale Raad, ontmoet ik Johan die zelf een project heeft

Foto 2

in Kenia en Tanzania. Hij is tevens leraar houtbewerking in het VTI Deinze. Hij stelde voor de zonnedroger als opdracht te geven aan twee van zijn leerlingen. De week nadien zat ik samen met Victor en Maxime in de werkplaats om mijn plannen uiteen te zetten. Na een uurtje beraadslagen leken de twee begrepen te hebben wat ik bedoelde.

 

De zonnedroger bestaat uit twee delen. Enerzijds een lichtbak waar de zonnestralen de lucht moeten verwarmen en anderzijds een toren met 5 laden waar de mango’s in liggen te drogen. De toren moet dienst doen als schouw en moet warme lucht aanzuigen.

 

 

Foto 3

Om de zonnestralen maximum op te vangen staat de lichtbak hier in België onder een hoek van 30° maar in Malawi (gezien de zon veel hoger staat) hebben we de helling herleid tot 15° (Foto 6).

Vooraan is een opening voorzien (Foto 2) zodanig dat de lucht kan aangezogen worden. Om te verhinderen dat ook insecten de toren zouden binnendringen, hebben we de opening voorzien van muggengaas. De binnenwanden en de bodem van de lichtbak worden zwart geschilderd om maximale warmte op te nemen. De bak wordt dan bovenaan afgesloten met een glazen plaat van 4mm (Foto 3).

 

 

De toren bestaat uit 5 laden, waarvan de bodem bestaat uit metaalgaas met mazen van 8x8 mm (Foto 4). Hierop worden de stukjes mango gelegd om te drogen. De 5 laden passen mooi in elkaar zodanig dat er geen spleten zijn waar de warme lucht kan verloren gaan. De bovenste lade is open en wordt afgedekt met een deksel (Foto 3)dat iets groter is dan de lade zodanig dat de lucht kan ontsnappen.

Dankzij deze 5 laden wordt het plaatsgebrek van ons mango-team opgelost gezien ze nu in 5 lagen boven elkaar werken. Bovendien, doordat de laden perfect op elkaar passen, worden de mango’s in de duisternis gedroogd. Dit heeft voor gevolg dat ze niet meer verkleuren.

 

Foto 4-5-6

 

De onderste lade is eveneens voorzien van een opening (Foto 5) langs waar de warme lucht van de lichtbak door de toren kan worden aangezogen.

Beide delen worden met elkaar verbonden via tapjes maar kunnen nog steeds uit elkaar genomen worden

 

Een paar weken na het eerste gesprek met Maxim en Viktor, stap ik het werkhuis binnen en zag dat de zonnedroger vorm begon te krijgen. Na een paar aanpassingen wordt dit het resultaat (Foto 6). De twee leerlingen mogen fier zijn op wat ze hebben verwezenlijkt. Hartelijk dank aan Viktor en Maxim! Ook oprechte dank aan Johan en Lieven om ons de gelegenheid te bieden deze zonnedroger bij hen op school te laten bouwen.

 

 

De school zorgt er ook voor dat een afbeelding en een artikeltje over onze zonnedroger in de krant komt. Dit is voor het VTI in Deinze en voor Chabwino een mooi steuntje in de rug. Van win-win gesproken!

 

Pierre

 

 

 

 

Tijdens de kolonisatie van Malawi hebben de Engelsen de maïsmonocultuur geïntroduceerd. Door steeds opnieuw maïs te planten geraakte de grond uitgeput. Om toch eten te hebben werd gebruikgemaakt van kunstmeststoffen. Dit is uiteraard een heel korte termijnvisie want dit verrijkt de grond niet. Bovendien werden die meststoffen zo verschrikkelijk duur dat de boeren niet in staat zijn die aan te schaffen. Dit had voor gevolg dat de maïs er povertjes uitzag en dat er dan ook hongersnood was.

Wij hebben dan die kunstmeststoffen betaald om hongersnood tegen te gaan maar met een duidelijk doel de mensen te leren composteren in de hoop deze kunstmeststoffen af te bouwen.

In 2016 heerste door El Nino een uitgesproken droogte waardoor de maïsoogst werd vernietigd. Het was toen het uitgesproken moment om de boeren diversificatie van gewassen aan te kaarten. Er kwam frequent de opwerping dat wij (de blanken) hen geleerd hebben dat monocultuur beter was en nu komen wij af dat ze moeten diversifiëren. Hoe dan ook de droogte van dat jaar heeft hen voldoende gemotiveerd om tussen hun maïs nu ook andere gewassen te telen. Bij ons laatste bezoek zagen we steeds meer andere teelten en een paar boeren doen nu ook aan veeteelt op heel kleine schaal.

Vermits het klimaat steeds meer grillen vertoont, groeide de idee om permacultuur te introduceren. Permacultuur staat voor “Permanent Agriculture”.

In februari van dit jaar hebben we de boeren een filmpje laten zien over permacultuur zoals die reeds in Malawi op bepaalde plaatsen wordt toegepast. De boeren waren heel verwonderd dat het filmpje aantoonde dat je via permacultuur ook in het droge seizoen kunt oogsten. Tot hiertoe was dat voor hen ondenkbaar.

Nadat ik een cursus permacultuur hier in België heb gevolgd, is het tijd die een kans te geven in Malawi. Mooi in theorie maar niet zo evident in praktijk. Niet iedereen is zomaar bereid zijn maïsteelt op te geven en zeker niet zolang wij de kunstmeststoffen betalen. Het is voor ons essentieel te streven naar de onafhankelijkheid van de boeren en dus een duurzaam beleid na te streven. Een hoofddoel is zeker van die kunstmeststoffen af te geraken want dit is de essentiële struikelblok voor die onafhankelijkheid.

Het filmpje was een eerste stap. Bij de laatste vergadering met de boeren was ook een facilitator aanwezig met heel wat kennis in verband met permacultuur. Hij heeft dan ook de boeren proberen warm maken voor deze methodologie.

Bij mensen in overlevingsmodus is het niet evident een methode aan te kaarten waar ze pas binnen 6-7 jaar de vruchten zullen plukken.

Daarom is het absoluut noodzakelijk verder te zoeken naar middelen om het aan te brengen.

Nu begin juli ging in Kasteel Nieuwenhove te St Truiden het permacultuurfestival door.

Deze 3daagse bestond uit een tiental workshops per halve dag. Er werd gevraagd op voorhand een keuze te maken. Per halve dag kon je maximum 2 workshops vervoegen. Bij het raadplegen van het programma, geldt zeker “Kiezen is verliezen”.

 

Ik heb volgende keuzes gemaakt :

- Natuurlijk bijen houden

- Een zonnedroger bouwen

- Het nut van luis en distel

- Permacultuur in een ander klimaat

- Kinderen en permacultuur

- Insectensafari

 

Daarbuiten waren ook rondleidingen in het permacultuurproject op het domein van het kasteel en diverse begeleide wandelingen over geneeskrachtige en magische planten.

Een korte samenvatting van de activiteiten die in de toekomst deel kunnen uitmaken van ons landbouw- en onderwijsproject.

 

1) Het bijen houden.

Geleerd dat ze in Afrika brede korven (Top bar hives genoemd) gebruiken in plaats van hoge korven zoals in Europa. Rieten kokers zijn eveneens in gebruik en in Malawi gebruiken ze ook grote aarden potten.

 

 

Het is ook belangrijk rekening te houden dat er initieel bijen werden gehouden voor de productie van was en de honing is er pas later bij gekomen. Het houden van bijen zou voor de groep boeren een supplementaire inkomst kunnen betekenen juist zoals we jaren terug gestart zijn met het drogen van mango’s en moringa en het telen van rijst. De klanten van de gedroogde mango’s kunnen ook in aanmerking komen voor de was en de honing.

 

 

Om duurzaam te werk te gaan, proberen we nu lokale imkers te vinden. Die zouden onze boeren kunnen opleiden. Indien we geschikte personen vinden, kan het project aan de boeren worden voorgesteld en de geïnteresseerden kunnen dan door die plaatselijke imkers opgeleid en begeleid worden.

2) Zonnedroger bouwen.

In Malawi klaagt het team van de mangodrogers dat de plaats waar ze de mango’s drogen teveel schaduw vertoont, dus in het hoogseizoen willen ze meer ruimte zonder schaduw.

 

 

Te weten dat ze momenteel de mango’s drogen op rieten matjes die op een kader vastgemaakt zijn of op droogtafels. Een tweede probleem duikt op wanneer er bewolking is. Dan hebben de mango’s meer tijd nodig om te drogen en lopen ze het risico dat ze zwart kleuren. Bij verkleuring zijn ze nog moeilijk verkoopbaar.

 

 

In de workshop werd geleerd vruchten te drogen met hete lucht in plaats van direct zonnelicht. Er wordt dus een lichtbak en een soort schouw gebouwd. Door het systeem van de schouw wordt hete lucht aangezogen. In de schouw kan men een hele reeks laden bouwen waar het fruit op metaalgaas wordt gelegd. Dus het fruit wordt in meerdere lagen gestapeld waardoor men minder plaats nodig heeft. In de schouw ligt het fruit in het donker waardoor het niet verkleurt, dus geen productverlies meer.

 

 

3) Het nut van luis en distel.

De titel wou een inzicht geven hoe je plagen kan aanpakken. Hier zoals in Malawi heeft men tendens direct met chemische producten te spuiten. De natuur blijft de sterkste. Hoeveel je ook spuit, het kruid of het ongedierte komt steeds terug. De stelling die op de workshop wordt gehanteerd is op zoek gaan naar de oorzaak. Bijvoorbeeld wanneer er ergens brandnetels groeien is dat een teken dat er veel stikstof in de grond zit, wil je van de brandnetels af, plant dan kruiden die stikstof uit de grond halen en met de tijd verdwijnen de brandnetels. Op een dergelijke manier werken vraagt observatie en veel geduld. In Malawi had een boer gemerkt dat hij de armyworm meester bleef wanneer hij zijn maïs plant bij de eerste regen zodanig dat de maïs vroeger groot is. De meeste boeren wensen dat risico niet te nemen uit schrik dat daarna de regen wegblijft en alles uitdroogt. Het zijn keuzes die moeten gemaakt worden.

 

 

 

Onze maïs werd ook geteisterd door weavels (kleine kevers die de maïs in de zakken aantast en herleid tot poeder) . Tot hiertoe werd de maïs chemisch behandeld. Met de jaren zijn de beestjes resistent geworden aan al het chemisch gedoe. Misschien moeten we nagaan waarom de weavel zich in de maïs vestigt. Onder welke omstandigheden. Die omstandigheden dan vermijden enz..

 

 

Veel observatie en samenwerking met landbouwfaculteiten. Het is hoe dan ook duidelijk dat wij van chemische behandelingen moeten afstappen en niet alleen omwille van de kost.

 

 

 

4) Permacultuur in ander klimaat.

De algemene regel die steeds terugkwam is het bedekken van de grond om te vermijden dat de vochtigheid in de grond zou verdampen.

In Malawi gaat men er nog van uit dat je veld proper moet gewied worden om de gewassen alle kansen te geven.

 

We hebben hen reeds laten verstaan dat ze mogen wieden maar dat ze dan het wiedsel moeten laten liggen om de verdamping af te remmen en bovendien de grond voedsel te geven. Dit inzicht is momenteel moeilijk aan de man te brengen. Dus laat ons proberen de boeren te overtuigen meer pompoenen met grote blaren en bananenbomen met veel loof tussen de maïs te zetten.

 

5) Insectensafari.

Hier werden we in de natuur geconfronteerd met de enorme diversiteit aan insecten. Heel leerrijk en misschien wel nuttig even de variëteiten in Malawi op te zoeken en na te gaan welke insecten ons van nut kunnen zijn

 

 

6) Kinderen en permacultuur.

 

Vermits onze boeren in Malawi graag directe resultaten zien en permacultuur moet opgebouwd worden, vond ik deze workshop een opportuniteit om permacultuur reeds op school aan de kinderen mee te geven zodanig dat ze het later als vanzelfsprekend zouden beschouwen. Ook hier in Europa geraakt het moeilijk ingeburgerd. In Nederland staan ze op dat gebied veel verder. In september organiseren ze een cursus kinderen en permacultuur met een pedagogisch draagvlak. Na deze cursus wens ik jullie een update te geven met de mogelijkheden die tot dan werden ontwikkeld. Deze workshops zijn interactief waardoor de input vanuit alle hoeken komt. Bovendien wordt er gewerkt aan de uitbouw van een heel netwerk in dat domein waardoor de info heel snel groeit.

Tot dan

Pierre