Search
  • Tanya Commandeur

Updated: 13 dec 2019

 

Bijna vijftig. Laat ik eerlijk zijn: ik vind het wel een dingetje. Vijftig: dat klinkt naar vervlogen parfum, incontinentieslips en gezondheidssandalen. Nog even en ik ontvang een kennismakingsabonnement op de Plus. Nog even en ik kan niet meer zonder leesbril. Nog even en de paar rimpels die ik nu heb zijn verveelvoudigd tot een gedetailleerde wegenkaart. Nog even en ik overweeg nordic walking. Ik weet dat ik erin zou moeten berusten, gracefully older zou moeten worden en zo, maar ik voel licht verzet.

Stel dat we in een wereld leefden waarin cijfers niet bestonden en de dagen, maanden en jaren derhalve niet werden geteld. Dat zou ik een stuk prettiger vinden, al zou ook dan mijn lichaam goedkope wijn en kampeermatjes niet langer verdragen. Maar hee, goedkope wijn en kampeermatjes zijn sowieso een slecht idee, dus waar hebben we het over?

Ja, waar hebben we het eigenlijk over? Waarom doe ik, en met mij vele vrouwen, toch zo moeilijk over ouder worden? Waarom gaan we en masse aan de botox (ik niet, hoor) drinken we liters detoxthee (mijn buurvrouw dan) en beulen we onze arme lijven af op harde fietszadels of in koude sportzaaltjes (body balance, ja en)?

Dûh, hoor ik je zeggen, omdat we geen zin hebben in rimpels en kipfilet-armpjes natuurlijk. En we er ook niet aan moeten denken om met een sudokupuzzel achter de geraniums te verdwijnen.

Puntje. Maar laten we dan eens omdenken, gewoon om onszelf een beetje op te vrolijken. Geniet de (bijna) vijftiger niet enorme voordelen? Zoals het feit dat je carrière-technisch je strepen meestal wel hebt verdiend? Dat je eindelijk een beetje achterover kunt zakken? Dat er geen topprestaties meer van je worden verwacht, maar je je shine-momentjes nog steeds kan en mag pakken?

En by the way, is het niet heerlijk dat we uit het kleine grut zijn? Dat we niemand meer voor straf op de trap hoeven zetten? Geen wallen tot op onze knieën hebben van de doorwaakte nachten? Dat we geen originele schooltraktaties meer hoeven te maken? En o glory, we nooit meer in barensnood hoeven te verkeren? De tijd is eindelijk aan ons, zeker als je bedenkt dat steeds meer mensen (met name vrouwen!) de honderd zullen aantikken.

Zijn we met vijftig jaar ‘over the hill’? Het lijkt eerder alsof we óp de heuvel staan en eindelijk een beetje overzicht hebben. Ellen Degeneres (ook alweer 61) maakte er ooit een heerlijk relativerende opmerking over: “Ik snap dat hele ‘over the hill’ niet. Als ik ga fietsen en ik ben over de heuvel, dan weet ik dat het moeilijkste deel achter de rug ligt en ik snel kan genieten van een lekkere snack. Dat is is toch juist fijn?”

Dank je, Ellen, ik voel me al een stuk beter. En ach, waar heb ik het ook over? Google ‘famous fifty plus’ en de inspirerende rolmodellen vliegen je om de oren! Behalve Degeneres zelf, zijn daar o.a. Cate Blanchett (50), Jennifer Aniston (50), Gwen Stefany (50), J.K Rowling (54), Julianne Moore (59) Emma Thompson (60) Meryl Streep (70) en mijn grote voorbeeld (want nog steeds zo levendig, slim en geestig): Margaret Atwood (80).

Vijftig: misschien voelt het straks nog steeds als een dingetje, maar met deze vrouwen als stralende punten aan mijn horizon moet ik daar overheen kunnen komen. Proost dus alvast op de volgende vijftig, met heel goede, dure wijn ;-)

P.s. Morgen (11 december) is de grote dag. Donaties en felicitaties zijn zeer welkom, evenals grappig bedoelde sudokupuzzels en geraniums, ik zal ze in dankbaarheid aannemen.

  • Tanya Commandeur

 

Charmant is anders, maar dankzij dit speciale kussen en de nodige pillen kan ik nu toch zonder al te veel pijn weer verder werken aan mijn manuscript. Watskeburt? Een week geleden (vlak na een vrolijk reisje naar Rome) ben ik, sufferd, met mijn handen vol was van de trap gestuiterd en keihard op mijn stuitje terechtgekomen. Ik dacht nog: gelukkig niet vóór Rome. Maar ook: als ik nog maar kan schrijven. Dat laatste lukt nu dus weer, maar o wat een gesukkel verder. Mensen, neem deze tip maar aan van tante Tan: altijd een hand vrij houden op de trap! En mocht je nou toch een harde landing maken, dan heb ik nog wel een kussentje te leen. 😉

 

 

  • Tanya Commandeur

Op 14 mei 1940 deed mijn toen achttienjarige oma wat ze elke werkdag deed: klanten helpen op de afdeling witgoed in de Rotterdamse Bijenkorf. Ze deed het werk met veel plezier, al was het alleen maar omdat er de afdeling stoffering een zeer aantrekkelijke jongeman rondliep, met wie ze sinds enige tijd verkering had. Om 12 uur 's middags fietste ze, zoals gewoonlijk, naar haar huis in Crooswijk om daar met haar ouders en zusje een boterham te eten. Toen de eerste bommenwerpers om 13.27 over het centrum van Rotterdam vlogen en hun dodelijke lading dropten, brak de hel los: gebouwen stortten met donderend geweld in elkaar, sirenes jankten, mensen gilden. Mijn oma en haar zusje mochten van hun moeder (Antje, beschreven in De man die alles achterliet) niet naar buiten kijken. Pas dagen later, toen het centrum weer vrijgegeven was door de politie en de brandweer, zag mijn oma dat haar geliefde Bijenkorf grotendeels verwoest was. Ook van de Hoogstraat, de belangrijkste winkelstraat van Rotterdam, was weinig over. Onder andere het populaire Thalia, een van de bioscopen van Abraham Tuschinski, lag volledig in as. Heeft mijn oma dat ook gezien? Wat jammer dat ik haar hier niets meer over kan vragen en ze zowel De man die alles achterliet als Uit liefde, meneer Tuschinski niet heeft kunnen lezen. Wel ben ik dankbaar dat ze na de middagboterham niet te snel is teruggekeerd naar haar werkplek. En dat haar mooie minaar de oorlog ook overleefde. Doorredenerend was mijn moeder dan nooit geboren, was ik er niet geweest, waren mijn kinderen niet geboren en de boeken nooit geschreven. Zeker 800 mensen hebben dat geluk niet gehad. Zij zouden die inktzwarte dag, nu precies 79 jaar geleden, niet overleven....

Mijn opa en oma, die elkaar ontmoetten in de Rotterdamse Bijenkorf, waar ze beiden werkten.